Lezingen van zondag 12 april 2026
Eerste lezing Uit de Handelingen der apostelen 2,42-47.
De eerste christenen legden zich erstig toe op de leer der apostelen, bleven trouw aan het gemeenschappelijk leven en ijverig in het breken van het brood en in het gebed.
Ontzag beving eenieder, want door de apostelen werden vele wonderbare tekenen verricht.
Allen die het geloof hadden aangenomen, waren eensgezind en bezaten alles gemeenschappelijk;
ze waren gewoon hun bezittingen en goederen te verkopen en die onder allen te verdelen naar ieders behoefte.
Dagelijks bezochten ze trouw en eensgezind de tempel, braken het brood in een of ander huis, genoten samen hun voedsel in blijdschap en eenvoud van het hart,
loofden God en stonden bij het hele volk in de gunst. En elke dag bracht de Heer er meer bijeen, die gered zouden worden.
Psalm
Psalmen 118(117),2-4.13-15.22-24.Stammen van Israël, dankt de Heer,
eindeloos is zijn erbarmen!
Herhaalt het, stammen van Aaron
eindeloos is zijn erbarmen!
Herhaalt het, dienaren van de Heer
eindeloos is zijn erbarmen!
Zij stootten mij weg en sloegen mij neer,
maar de Heer heeft mij ondersteund.
Mijn kracht en mijn sterkte is de Heer,
Hij is het die mij verlost.
Nu klinkt er gejuich van feest en geluk
in alle tenten der vromen.
De Heer greep in met krachtige hand,
De steen die de bouwers hebben versmaad,
die is tot hoeksteen geworden.
Het is de Heer, die dit heeft gedaan,
een wonder voor onze ogen.
Dit is de dag, die de Heer heeft gemaakt :
wij zullen hem vieren in blijdschap.
Evangelielezing
Uit het heilig Evangelie van onze Heer Jezus Christus volgens Johannes 20,19-31.In de avond van die eerste dag van de week, toen de deuren van de verblijfplaats der leerlingen gesloten waren uit vrees voor de Joden, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei:
'Vrede zij u.' Na dit gezegd te hebben toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen.
Nogmaals zei Jezus tot hen: 'Vrede zij u. Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u.'
Na deze woorden blies Hij over hen en zei: 'Ontvang de heilige Geest.
Aan wie ge de zonden vergeeft, zijn ze vergeven, en aan wie ge ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven.'
Tomas, een van de twaalf, ook Didymus genaamd, was echter niet bij hen, toen Jezus kwam.
De andere leerlingen vertelden hem: 'Wij hebben de Heer gezien.' Maar hij antwoordde:
'Als ik niet in zijn handen het teken van de nagelen zie en mijn vinger
in de plaats van de nagelen kan steken en mijn hand in zijn zijde leggen, zal ik het niet geloven.'
Acht dagen later waren zijn leerlingen weer in het huis bijeen, en nu was Tomas er bij.
Hoewel de deuren gesloten waren, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: 'Vrede zij u.'
Vervolgens zij Hij tot Tomas: 'Kom hier met uw vinger en bezie mijn handen.
Steek uw hand uit en leg die in mijn zijde, en wees niet langer ongelovig, maar gelovig.'
Toen riep Tomas uit: 'Mijn Heer en mijn God!'
Toen zei Jezus tot hem: 'Omdat ge Mij gezien hebt, gelooft ge?
Zalig die niet gezien en toch geloofd hebben.'
Nog vele andere tekenen heeft Jezus gedaan in het bijzijn van zijn leerlingen, welke niet in dit boek zijn opgetekend,
maar deze hier zijn opgetekend, opdat gij moogt geloven, dat Jezus de Christus is, de Zoon van God, en opdat gij door te geloven leven moogt bezitten in zijn Naam.
Bron : Petrus Canisius bijbelvertaling & vernieuwingen
Om de bijbellezingen iedere morgen in Uw mailbox te ontvangen, kunt u zich hier inschrijven : dagelijksevangelie.org
